Lat relatie, wat regel je en hoe houd je het goed?

Lat relatie, wat regel je en hoe houd je het goed?

Zondagavond, de weekendtas staat weer bij de deur. Jij rijdt naar je eigen huis, je partner blijft in het zijne en vrijdag zien jullie elkaar opnieuw. Zo ziet een lat relatie eruit: een vaste relatie waarin je allebei je eigen woning houdt.

Ben je niet getrouwd en heb je geen geregistreerd partnerschap, dan ben je met twee adressen geen toeslagpartners en geen fiscale partners van elkaar. Je partner telt dan niet mee voor jouw toeslagen, maar je erft ook niets van elkaar zolang er geen testament ligt. Je houdt het goed met afspraken over hoe vaak je elkaar ziet, wat je deelt en wat er gebeurt als een van jullie iets overkomt.

Eén op de tien volwassenen heeft een lat relatie

Lat staat voor living apart together: je bent samen, maar je woont niet samen. Je komt het woord ook aaneengeschreven tegen, als latrelatie, onder meer bij het CBS. In 2025 had 10 procent van de volwassenen in Nederland een vaste partner met wie ze niet samenwoonden. In 2013 was dat nog 8 procent (bron: CBS, 2026).

De redenen zijn vaak alledaags. De een is gehecht aan een eigen huis en ritme, de ander zorgt in co-ouderschap voor kinderen uit een eerdere relatie en wil hun thuis niet overhoop halen. Soms is de relatie nog jong en hoeft de stap van daten naar een relatie niet meteen een verhuizing te zijn. Het is een van de soorten relaties waar je samen voor kiest, als tussenfase of als blijvende vorm. De dubbele vaste lasten zijn een bekend nadeel van een latrelatie. Reden te meer om de geldzaken goed te regelen.

Wat een lat relatie betekent voor toeslagen, belasting en AOW

Welke regels voor jou gelden, hangt per regeling af van je burgerlijke staat (getrouwd, geregistreerd partner of geen van beide) en van de plek waar je woont. De tabel laat zien wat er geldt als je elk op een eigen adres staat ingeschreven.

Regeling

Niet getrouwd en geen geregistreerd partnerschap

Getrouwd of geregistreerd partner

Toeslagen

Je bent geen toeslagpartners. Je partner telt niet mee voor je huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag en kindgebonden budget.

Je bent wel toeslagpartners, ook met twee adressen. Alleen voor de huurtoeslag telt je partner niet mee.

Inkomstenbelasting

Je bent geen fiscale partners. Dat ben je als ongehuwden alleen met iemand die op jouw adres staat ingeschreven en met wie je aan een extra voorwaarde voldoet, zoals een notarieel samenlevingscontract.

Je bent fiscale partners vanaf de dag dat je trouwt of het partnerschap aangaat.

AOW (vanaf je AOW-leeftijd)

Woon je alleen, dan krijg je het ongehuwdenpensioen. Dat is 70 procent van het netto minimumloon.

Je krijgt het gehuwdenpensioen van 50 procent van het netto minimumloon. Uitzonderingen zijn er als je duurzaam gescheiden leeft of als een van jullie in een verpleeghuis woont.

De regels komen van Dienst Toeslagen, de Belastingdienst en de SVB, zoals ze daar in oktober 2026 staan. Ben je getrouwd of geregistreerd partner en woon je toch apart, dan zie je in de rechterkolom dat de overheid je als partners blijft behandelen.

Twee adressen op papier is voor de SVB niet genoeg

Voor de AOW kijkt de SVB naar hoe je in het dagelijks leven woont, los van de inschrijving bij de gemeente. Iemand woont volgens de SVB bij je als die persoon de meeste tijd in jouw woning is, ook zonder inschrijving op jouw adres. Draag je dan allebei regelmatig en in enige omvang bij aan het huishouden, dan heb je een gezamenlijke huishouding (bron: SVB, 2026). Bijdragen doe je op twee manieren:

  • door te betalen voor de huur, het eten of andere kosten
  • door voor elkaar te zorgen, bijvoorbeeld met schoonmaken, boodschappen doen, koken of hulp bij ziekte

Is je partner het grootste deel van de week bij jou en draaien jullie het huishouden samen, dan ziet de SVB dat als samenwonen en krijg je het lagere gehuwdenpensioen. Verandert jullie woonsituatie, geef dat dan op tijd door. Over jouw eigen geval beslist de SVB zelf; dit artikel is geen advies op maat.

Erven doe je niet vanzelf van elkaar

Zonder testament bepaalt de wet wie je erfgenamen zijn. Dat gaat in een vaste volgorde:

  1. echtgenoot of geregistreerd partner en de kinderen
  2. ouders, broers en zussen
  3. grootouders
  4. overgrootouders

Een partner met wie je niet getrouwd bent en geen geregistreerd partnerschap hebt, staat nergens in die volgorde (bron: Juridisch Loket, 2026). Overlijd je zonder testament, dan gaat je erfenis naar je kinderen of je familie en krijgt je partner niets, hoe lang jullie ook samen waren. Gaan samenwonen lost dat niet op, want ook wie samenwoont zonder huwelijk of geregistreerd partnerschap, erft niet van elkaar (bron: Rijksoverheid, 2026).

Wil je dat je partner wel erft, dan laat je bij een notaris een testament maken waarin je dat vastlegt. Heb je kinderen, dan houden zij recht op hun legitieme portie: de helft van wat ze zonder testament hadden gekregen (bron: Rijksoverheid, 2026). Met kinderen, een koophuis of een eigen bedrijf hangt er meer aan vast dan in een artikel past, dus laat een notaris uitleggen wat een testament in jullie situatie doet.

Wat je onderling afspreekt

Niet alles hoeft naar de notaris. Een paar afspraken maak je gewoon aan de keukentafel. Schrijf ze op, dan hoef je er later niet over te twisten:

  • wie wat betaalt als je samen eet, op vakantie gaat of iets groots koopt
  • van wie de spullen zijn die je samen aanschaft
  • wie een sleutel heeft van welk huis
  • wie de eerste contactpersoon is als een van jullie in het ziekenhuis belandt

Vertel ook je familie wat jullie hebben afgesproken. Krijgen zij als eerste bericht wanneer er iets gebeurt, dan weten ze dat ze je partner moeten bellen.

Een lat relatie goed houden met twee huizen

Wie apart woont, ziet elkaar niet vanzelf. Wat samenwoners tussen de afwas en het journaal door bespreken, moet jij inplannen. Een paar gewoontes helpen daarbij.

Spreek een ritme af

Vaste dagen geven rust, omdat je weet wanneer je elkaar ziet en wanneer je tijd voor jezelf hebt. Bespreek ook hoe je tussendoor contact houdt, want de een belt graag elke avond en de ander vindt een bericht genoeg. Zulke verschillen bespreek je makkelijker voordat iemand zich tekortgedaan voelt.

Deel ook de gewone dagen

Een lat relatie bestaat al snel uit alleen maar uitjes en weekenden. Dat is aantrekkelijk, maar je leert elkaar ook kennen in de saaie dingen: samen boodschappen doen, een doordeweekse avond op de bank, een klus in huis. Wissel bijzondere avonden af met gewone, net zoals samenwoners moeite doen om een relatie leuk te houden.

Vertrouw elkaar zonder te controleren

Je weet niet van elk uur waar de ander is en dat hoeft ook niet. Vertrouwen groeit als je doet wat je zegt. Controleren is iets anders. Wil je partner steeds weten waar je bent en met wie? Of voel je je niet veilig? Dan bel je gratis en 24 uur per dag met Veilig Thuis, via 0800-2000.

Praat over waar het heen gaat

Vraag elkaar af en toe of jullie nog hetzelfde willen. Misschien wil de een op termijn samenwonen en de ander niet. Dat hoeft geen breekpunt te zijn, zolang je het van elkaar weet en er samen een termijn of een tussenvorm voor zoekt. Twee voordeuren zeggen weinig over hoe dicht je bij elkaar staat: een lat relatie vraagt vooral dat je uitspreekt wat samenwoners stilzwijgend regelen.

Vergelijkbare berichten